Duikorganisaties

De Zegerplas

Achtergrond van de Zegerplas

Oorspronkelijk was de locatie een veenweidegebied dat doorsneden werd door het veenriviertje de Kromme Aar. In de zeventiger jaren van de vorige eeuw is de Zegerplas ontstaan als zandwinlocatie ten behoeve van de aanleg van nieuwe wijken in Alphen-noord. De plas is circa 70 hectare groot; maximaal 850 m breed (oost-west) en maximaal 1.350 m lang (noord-zuid). Gemiddeld is de plas circa 18 meter diep, met een maximum van 32 meter.

De Zegerplas heeft een aantal pluspunten waardoor het geschikt is als zoetwater natuurgebied:

  1. Een verbeterende waterkwaliteit o.a. dankzij de luchtmenginstallatie van Rijnland zorgt voor een sterk verbeterd doorzicht, hierdoor is de ecologische potentie sterk toegenomen
  2. De plas heeft een gevarieerd onderwater landschap; deze diepe plas doorsnijdt diverse bodemlagen (veen, klei, zand), waardoor er een grote diversiteit in habitats aanwezig is.
  3. In de plas is reeds een aantrekkelijke biodiversiteit; er zijn al veel verschillende diersoorten te vinden o.a. Snoek, Snoekbaars, Meerval, Karper, Kreeft, Waaierhandkrab, gondels
  4. Een centrale ligging in het Groene Hart; de Zegerplas is goed bereikbaar voor een groot aantal mensen.

De Zegerplas stond en staat bij veel mensen bekend als het donkere gat waar het zicht slecht is. Vanuit de duikvereniging zijn er een groot aantal observatieduiken gedaan en is geconstateerd dat het zicht sterk verbeterd is tot gemiddeld 3-4 meter. In samenwerking met de Universiteit Wageningen is er onderzoek gedaan naar de gesteldheid van de plas (misschien een link naar een eerder stuk hierover?). Hieruit is geconcludeerd dat het zicht sterk verbeterd was, en dat er nog meer mogelijkheden zijn om de biodiversiteit en waterkwaliteit positief te beinvloeden. Dat was het startpunt voor de projecten hieronder.